Het JTC organiseert huiswerkbegeleiding voor leerlingen die een extra steuntje nodig hebben om aan de slag te gaan. We doen dit in de vorm van: een huiswerkplaats.
De huiswerkplaats is in eerste instantie bedoeld voor leerlingen uit de klassen 1 en 2. Leerlingen uit hogere klassen zouden in staat moeten zijn zelf hun huiswerk te plannen en zich aan die planning te houden. Mochten ouders hun kind in een hogere klas desondanks willen aanmelden, dan kunnen zij contact opnemen met conrector R. van Oorschot. Wanneer er op de huiswerkplaats nog ruimte is, kunnen zij daar aan deel nemen.
Doel van de huiswerkbegeleiding is om enkele dagen per week aan het eind van de lesdag een rustige werkomgeving te creëren onder toezicht van een medewerker van de school. Er zijn ook speciaal opgeleide ouderejaars leerlingen aanwezig die voor begeleiding en vakinhoudelijke ondersteuning zorgen.
Leerlingen worden zowel door de tutors als de aanwezige docent en/of onderwijsassistent geholpen bij de organisatie van hun werk en bij het geconcentreerd werken. Het is geen bijles en ook geen naschoolse opvang.
De huiswerkplaats wordt aangeboden tegen kostprijs, de tarieven worden jaarlijks bekend gemaakt. De huiswerkplaats bevindt zich op de locatie Bovendonk en start jaarlijks na de herfstvakantie.
In de aanmeldbrief vindt u gedetailleerdere informatie. Deze vindt u in het documentatiecentrum.
U kunt uw zoon/dochter inschrijven door het inschrijfformulier uit de brief in te vullen en te ondertekene en in te (laten) leveren bij de receptie of bij Dhr van de Broek, onderwijsassistent op het leerplein 1e fase.
Op deze lokaties is desgewenst ook de aanmeldbrief en/of het inschrijfformulier op te halen.
Wat kunnen ouders zelf doen? Een paar tips ...
Tip 1: Plannen
In de agenda behoort al het huiswerk te staan. In de brugklas leren de leerlingen hoe ze hun huiswerk het best kunnen noteren – het belang van een goede agenda blijft er gedurende de hele studie.
Tip 2: Regelmatig werken
Een leerling moet elke dag tijd besteden aan het huiswerk van de volgende dag. Belangrijk is op tijd beginnen en voldoende tijd reserveren om rustig alle vakken te doen. Als je moe bent van spelen, sporten, bijbaantjes en allerlei andere verplichtingen, dan gaat het leren een stuk minder goed.
Dingen die je tijdens het leren van het huiswerk niet begrijpt, kun je het best opschrijven zodat je die tijdens de volgende les kunnen vragen.
Tip 3: overhoren?
Wanneer uw kind laat zien dat hij of zij het huiswerk netjes doet, is regelmatig overhoren niet nodig – tenzij uw kind erom vraagt bijvoorbeeld vanuit onzekerheid. Uitgangspunt blijft: als u ziet dat hij/zij de eigen studie in de hand heeft, is het goed de verantwoordelijkheid aan uw kind over te laten. Als een leerling niet de benodigde tijd aan school besteedt en dat zichtbaar wordt in lagere resultaten, dan is controle zinvol.
Tip 4: Verschillende aanpakken
Vakken zijn verschillend en vragen daardoor vaak om een verschillende aanpak. Voor wiskunde moet je veel sommen maken om te oefenen, voor talen moet je soms woordjes leren en grammatica trainen. Oefeningen die er soms saai uitzien zijn vaak heel nuttig omdat ze helpen om automatismen te ontwikkelen en routine te krijgen.
Grotere delen tekst met informatie vragen om een andere aanpak dan kleinere delen tekst die bestudeerd moeten worden. Kleinere stukken kun je met blokken onder de knie krijgen, voor grotere teksten moet je op zoek naar hoofdzaken en is het maken van een samenvatting vaak erg nuttig.
Bij elk vak heeft een leerling aanwijzingen gekregen over hoe het huiswerk het best geleerd kan worden. Het is daarom nuttig om uw kind te helpen om na te denken over hoe hij/zij aan het leren is. Vragen kunnen bijvoorbeeld zijn:
• ‘Ben je dit uit je hoofd aan het leren?’
• ‘Is het de bedoeling dat je het kunt navertellen of dat je het kunt toepassen?’
• ‘Heb je voor dit onderwerp alle oefensommen gemaakt?’
Als u onzeker bent hoe het moet, kunt u aan uw kind meegeven dat hij/zij de docent vraagt om (nog eens) te vertellen op welke manier de stof geleerd moet worden. Vraag uw kind dat op te schrijven, zodat u de volgende keer daarin kunt meelezen.
Voor tips voor de verschillende vakken in de verschillende leerjaren van de onderbouw, kijk eens in de kolom links bij 'Hulp bij het leren'.
Tip 5: Een toets leren
Als je het ‘gewone’ huiswerk regelmatig hebt gedaan, is de toets makkelijker te leren omdat je alles herkent. Een paar gouden regels:
• Begin een paar dagen van tevoren;
• Lees eerst een keer de stof een keer grondig door (ook de aantekeningen van de docent!) zodat je het totaal kunt overzien;
• Markeer tijdens het doorlezen de belangrijkste punten door ze op te schrijven of te onderstrepen, maak bij grote stukken tekst zelf een samenvatting waarin je de belangrijkste dingen op een rijtje zet;
• Leer vervolgens één of twee keer grondig; drie keer 15 minuten met wat tussenpauze is beter dan één keer 45 minuten;
• Maak de oefenopgaven bij de leerstof nog een keer (ook als je de antwoorden al weet, het gaat om het oefenen!), maak extra opgaven om te controleren of je het echt snapt;
• Geef een keer extra aandacht aan onderdelen die je moeilijk vindt, oefenen is een goede manier om lastige onderwerpen te trainen.
Hard en lang studeren op het allerlaatste moment werkt niet efficiënt: je hersenen slaan dan maar een klein gedeelte van je leren op in het permanente geheugen. Op het moment dat je het nodig hebt, zal er niet heel veel meer terug te vinden zijn.
Tip 6: Een werkstuk maken
Bij werkstukken is een goede planning (maken + je eraan houden!) nog belangrijker dan voor leerwerk.
• Meestal krijg je het werkstuk lang van tevoren op. Zorg dat je in je agenda opschrijft wanneer je er aan moet beginnen om op tijd klaar te kunnen zijn.
• Wat moet je precies doen? Zorg dat je werkstuk echt gaat over het onderwerp. Bekijk van tevoren op welke punten het werkstuk wordt beoordeeld.
• Werk netjes! Een werkstuk moet er netjes uitzien. De taal moet kloppen: goed lopende zinnen zonder taalfouten.
• Probeer tekst in je eigen woorden op te schrijven en voorkom het rechtstreeks kopiëren van teksten van het internet.
Tip 7: Steeds zelfstandiger …
Voor hogere klassen wordt de betrokkenheid van ouders langzamerhand kleiner. Leerlingen gaan zelf hun verantwoordelijkheid steeds meer nemen. We houden ze wel in de gaten, grijpen soms in als het nodig is, en we geven na het ingrijpen de verantwoordelijkheid toch weer langzaam aan de leerling.
De aanpak van leren blijft in grote lijnen hetzelfde. Wat wel verandert:
• Het niveau van de leerstof wordt hoger. Daardoor blijft het belangrijk om het huiswerk trouw te maken en te leren.
• De omvang van toetsen en werkstukken wordt groter. Dat betekent dat je beter moet gaan plannen en eerder aan het werk zult moeten gaan.
• Toetsen gaan uit van steeds meer voorkennis. Het zal daarom regelmatig nodig zijn dat je niet alleen kijkt naar de stof van de toets zelf, maar ook de stof van een voorgaand hoofdstuk nog eens doorleest.